Broodtrommeltjes

En, wat hebben ze vandaag weer in jullie broodtrommeltjes gedaan, die lieve papa’s en mama’s van jullie? Laat me raden. Eerst een boterham met pindakaas of iets anders gezonds. Kaas of worst. Daarna een boterham met hagelslag of chocopasta. Misschien jam. Voor de lekker. Of misschien zit er een wrap in. Of een restje couscous als je geluk hebt. En dan nog een mandarijn of een wortel. Iets gezonds, iets ongezonds en dan weer iets gezonds. Klopt? Wees maar blij met jullie verstandige papa’s en mama’s. Of niet soms?

Het broodtrommeltje van Leila de Toto ziet er van de buitenkant zo’n beetje hetzelfde uit als alle andere broodtrommeltjes in de klas. Haar moeder heeft het ooit gekocht voor 1 euro 99 bij de Action. Het is lichtblauw en op het deksel staan een paar Pokémon. Haar moeder heeft die broodtrommel ooit gekocht niet vanwege de Pokémon—ze wist niet eens precies wat dat was—maar vanwege die 1 euro 99.

Henkidoe heeft de mooiste broodtrommel van de klas. Daar is iedereen het over eens. Hij heeft hem gekocht op bol.com voor wel veertig euro. Poehé, daar kun je er bij de Action dus wel twintig voor kopen. En dan hou je nog twintig cent over. Reken maar na. Op het deksel staat een Marvel Spider-Man en er horen een drinkbeker en een fruitbakje bij, ook met Spider-Man erop. Er zit zelfs een vork bij en er zijn verschillende vakjes in de broodtrommel, dat niet alles door elkaar raakt. Hij is ook nog eens van aluminium, in plaats van gewoon maar van plastic. En … er kan ook veel meer in. Makkelijk vijf boterhammen. Afijn, die Henkidoe is beretrots op z’n broodtrommel—logisch. Iedereen in de klas wil ook wel zo’n broodtrommel, maar ben je gek geworden, zeg, zeggen alle papa’s en mama’s, veertig euro voor een broodtrommel! Het geld groeit ze niet op de rug! (Wat dat betekent dat hoef ik niet uit te leggen, toch?)

Tussen de middag zit iedereen in een kring en gaan de broodtrommeltjes open. Sommige kinderen kijken dan blij, andere kinderen kijken juist beteuterd. Het hangt ervan af wat ze zien als ze het deksel ervanaf halen. Sommige kinderen kijken niet eens in hun eigen broodtrommel maar ze kijken meteen in de broodtrommel van hun buurtjes, want daar zit vast iets veel lekkerders in.

Leila de Toto niet. Om 12 uur, als iedereen in de kring zit, pakt zij ook haar broodtrommel. Ze legt haar handen op het deksel met de Pokémon, doet haar ogen dicht en neuriet dan met een diepe stem: hummm—hummm. Dan haalt ze voorzichtig het deksel van de trommel en—jongejongejonge—wat een heerlijke geuren stijgen er op uit die trommel, zeg. Je ruikt gebakken ui, Marokkaanse kruiden, vers gesneden peterselie en komkommer—en wat ruik je nog meer, dat kan toch geen pasta aglio e olio zijn?

‘Wie wil er een stuk pizza margherita?’ vraagt Leila de Toto aan de klas.

Huh? De kinderen kijken haar aan alsof ze het in Keulen horen donderen. Dat zeg je als er iets heel geks gebeurt, iets wat je nooit had verwacht. Het in Keulen horen donderen.

Boterhammen met pindakaas daar denkt opeens niemand meer aan. Allemaal komen ze in een kring om Leila staan en de kinderen kijken nieuwsgierig in haar broodtrommel.

‘Ik, ik!’ roept iedereen.

Overblijfjuf kijkt op van haar telefoon.

‘Wat is hier aan de hand?’ vraagt ze.

‘Pizza margherita, juf!’ roepen de kinderen.

‘Heb je ook pizza Hawaii?’ vraagt Nevel. Zij wil altijd pizza Hawaii als ze uit eten gaan met het gezin. Pizza Hawaii is met stukjes ananas. Haar vader is een echte Italiaan en die heeft dus veel verstand van pizza’s. Hij vindt pizza met ananas het allerbelachelijkste wat er is omdat er helemaal geen ananas groeit in Italië, alleen in Hawaii. Dus mag Nevel nooit pizza Hawaii bestellen als haar vader erbij is. Maar nu is ie er lekker niet.

‘Eens even kijken,’ zegt Leila en warempel, daar haalt ze een flink stuk pizza Hawaii uit haar broodtrommel en geeft het aan Nevel. Die brandt bijna haar vingers, zo heet is de pizza nog. Hoe kan dat nou weer? Dan gaan de kinderen door elkaar roepen dat ze allemaal verschillende soorten pizza willen. De een wil vegetariana, de ander funghi, weer een ander wil quattro stagioni. En iedereen krijgt waar ze zin in hebben. Het lijkt wel een soort thuisbezorgdpuntnl, dat broodtrommeltje van Leila de Toto. Overblijfjuf weet zich er geen raad mee. Natuurlijk mag het niet, pizza tussen de middag, zeker niet als je niet eerst je boterham met pindakaas hebt opgegeten. Maar dit, dit is zoiets raars. Ze staat met haar mond vol tanden. Dat betekent niet dat ze een mond vol tanden heeft. Hoewel ze die natuurlijk ook wel heeft. Maar hier bedoelen ze dat overblijfjuf even niet weet wat ze moet zeggen, zo verbaasd is ze. Dus wanneer je het in Keulen hebt horen donderen sta je met je mond vol tanden. Moet je allemaal wel onthouden, hè? Afijn, overblijfjuf wil eigenlijk graag een stuk pizza napolitana. Tuurlijk, hebben we, overblijfjuf. Asjeblief.

De enige in de klas die niet meedoet met het pizzafeest is Henkidoe. Die baalt dat er uit zo’n stomme broodtrommel van de Action zo veel lekkers komt, terwijl er uit zijn eigen coole broodtrommel met Spider-Man alleen maar boterhammen met pindakaas en chocopasta komen en een halfzachte mandarijn. Maar hij laat het niet merken. Hij doet net of een boterham met pindakaas het allerlekkerste van de hele wereld is, veel lekkerder dan een pizza met een papperige deegbodem, sowieso veel te veel gesmolten kaas en tomatenpuree uit blik.

Als iedereen zijn pizza op heeft en sommige kinderen zelfs twee stukken hebben gekregen van Leila, weet je wat er dan gebeurt? Je gaat dit echt niet geloven. Ga er maar even voor zitten.

‘Iemand zin in Cookie Dough?’ vraag Leila. En daar haalt ze zo maar drie bekers Ben & Jerry’s Cookie Dough uit haar broodtrommel. Huh? Het lijkt wel een goocheltruc, dat er maar van alles tevoorschijn blijft komen uit de hoge hoed van de goochelaar. Je weet wel, konijnen, duiven, slingers, confetti, nog weer een duif. Maar dit is geen circus. Dit is gewoon de vierde klas van de Derde Montessorischool in Diemen en dit is geen goocheltruc, dit is echt! Proef maar. IJskoude Ben & Jerry’s Cookie Dough!

Henkidoe, wil je ook? Nee, joh, dank je wel. Cookie Dough, houdt ie niet van. Geef hem maar een halfzachte mandarijn. Die komt tenminste uit een toffe broodtrommel.

’s Avonds vertelt hij het verhaal aan zijn vader en moeder. Dat er een meisje in z’n klas zit, Leila heet die, met een broodtrommel van de Action. Dat die broodtrommel vol zat met pizza en ijs. En dat er genoeg was voor iedereen. Schande, vinden de mama en papa van Henkidoe dat. Pizza in plaats van boterhammen. Zij doen altijd hun best om als Henkidoe jarig is een gezonde traktatie te verzinnen. Een prikker met een druif en stukje kaas of zo. Omdat ze op de Derde Montessorischool in Diemen niet willen dat je op snoep trakteert. En dan zit er verdorie zeker een of ander kind in de klas bij hun Henkipenkiepoekiedoekie die zomaar pizza en ijs uitdeelt! Als dat nog een keer gebeurt spreken ze af dat ze een klacht gaan indienen bij de directeur.

De volgende dag zit iedereen in de klas de hele tijd naar de klok te kijken of het al 12 uur is. Sommige kinderen hebben expres niet ontbeten om maar extra trek te hebben. Voor het geval er weer pizza is vandaag! Eindelijk gaat de bel. Meester gaat de klas uit, overblijfjuf komt binnen. Ze zitten allemaal in een kring en kijken naar Leila en haar broodtrommeltje van de Action met de Pokémon. Leila de Toto kijkt de kring rond en zegt:

‘Doe maar mee. Doe je ogen dicht allemaal. Daar gaan we.’

‘Hummm—hummm,’ doet Leila.

‘Hummm—hummm,’ doet de klas.

‘Hummm—hummm,’ doet zelfs de overblijfjuf.

Leila haalt voorzichtig, millimetertje voor millimetertje, het deksel van haar broodtrommel. Iedereen kijkt met spanning toe. En wat ik nu ga vertellen ga je echt niet geloven, of je moet erbij zijn geweest. Zoals ik.

De heerlijkste geuren verspreiden zich door het klaslokaal. De geur van gestoofde peertjes met kaneel en steranijs. De geur van geroosterde paprika met knoflook en olijfolie. De geur van versgebakken zuurdesembrood. De geur van citroenrasp boven een romige risotto. De geur van gebakken aardappeltjes met lente-ui. De geur van verse munt en koriander die net zijn fijngehakt. De geur van gegrilde aubergine met tahin en komijn. De geur van appeltaart met warme kaneel. De geur van sinaasappelschil en chocola. De geur van koffie en verse muntthee na het eten. Dat alles door elkaar ruiken de kinderen en het water loopt ze in de mond. Dat zeg je als je denkt aan iets wat je heel lekker vindt: het water loopt me in de mond. Allerlei heerlijk gerechten uit Italië, Spanje, Libanon, Ethiopië, Thailand, Indonesië en noem maar op komen uit het Action-broodtrommeltje van Leila de Toto. Compleet met bestek, stokjes, bowls, borden, bijzetschoteltjes, zelfs linnen servetten haalt ze eruit. Geloof je het niet? Ik zei toch dat ik erbij was?

Henkidoe zit ernaar te kijken en de tranen springen hem in de ogen, of net niet eigenlijk, hij weet z’n tranen net op tijd terug te duwen. Hij heeft ook het deksel van zijn broodtrommel opgetild. Bij hem zit er hetzelfde in als gisteren. Weer die bruine boterham met pindakaas, weer die boterham met chocopasta, weer die suffe halfzachte mandarijn. Terwijl, net op dat moment haalt Leila zijn allerliefste lievelingsgerecht uit de broodtrommel: Mexicaanse quesadilla met een gegrilde maiskolf en gesmolten kaas.

‘Henkie?’ vraagt Leila en ze reikt hem de quesadilla aan, ‘Wil jij ook wat?’

Alsof ze zijn gedachten heeft geraden!

‘Neuh, dank je. Ik heb genoeg aan mijn boterham met pindakaas.’

Je liegt, je liegt!! roept een stemmetje in zijn hoofd. Niks lekkerder dan een quesadilla!!

Goed zo, Henkiedoe, niet doen!! Roept een ander stemmetje in zijn hoofd. Niks aannemen uit die rottrommel van de Action!!

De hele verdere middag kan Henkidoe zijn gedachten niet meer bij de les houden. De broodtrommel zit hem geweldig dwars. En na school, in een hoekje van het schoolplein achter de bosjes, waar niemand komt en niemand het ziet, haalt hij de Spider-Manbroodtrommel, de drinkbeker en het fruitbakje uit zijn rugzak en dan wordt hij me daar toch een potje kwaad, zeg. Nee maar! Hij gooit de broodtrommel, de drinkbeker en het fruitbakje op de grond en begint er met zijn schoenen op te stampen. Aluminium, dat kan wel tegen een stootje, maar Henkidoe is zo ongelooflijk kwaad dat er niks van de broodtrommel overblijft—het lijkt wel een geplet colablikje. Hup, wat ervan overblijft gooit hij met een grote boog in de bosjes. Dat lucht op! Tenminste, de boosheid is uit zijn hoofd gestroomd maar daar zit nu een leegte die nog het meest lijkt op verdriet. En wat moet hij nu thuis vertellen waar zijn dure broodtrommel is gebleven?

Hij draait zich om en wil net weglopen uit het geheime schoolpleinhoekje bij de bosjes—maar wie staat daar en heeft alles gezien? Leila de Toto! Ze zegt niks. Ze kijkt hem alleen maar aan. Henkidoe, weet niet wat hij moet doen of wat hij moet zeggen. Er is kortsluiting in zijn hoofd. Dat heb je als je allemaal dingen wil doen die nu eenmaal niet tegelijk kunnen: wegrennen én blijven staan, iets zeggen én je mond houden, Leila een geweldige stomp geven én Leila huilend om de hals vallen.

‘Ga je mee?’ zegt Leila lief en ze steekt haar hand uit. ‘Dan gaan we een nieuwe broodtrommel kopen.’

Henkidoes kortsluiting in zijn hoofd is meteen over, op een of andere rare manier, en hij pak Leila’s hand en wandelt met haar mee.

Om de hoek van de school, in het Winkelcentrum Diemerplein, zit de Action. Ze gaan naar binnen en kopen precies dezelfde broodtrommel als die van Leila de Toto. Er staan alleen andere Pokémon op en hij is paars in plaats van lichtblauw. Maar hij kost nog steeds maar 1 euro 99. Henkidoe heeft geen geld bij zich. Leila wel.

‘Een cadeautje,’ zegt ze terwijl ze 2 euro aan het kassameisje geeft.

Weer moet Henkidoe een paar irritante tranen wegduwen terug zijn hoofd in.

Samen wandelen ze vanuit het winkelcentrum naar een plantsoentje aan de Willem de Zwijgerlaan, waar ze op een bankje gaan zitten in de winterzon. Het is nog koud maar Henkidoe merkt er niks van. Voor het eerst kijkt hij eens goed van opzij naar Leila de Toto: heel knap is ze niet, vindt Henkidoe, tenminste, dat vond hij altijd, of hij lette er gewoon niet op, maar nu weet hij het niet meer zo zeker. Misschien is ze niet zo knap voor de Henkidoe van tot en met gisteren maar heel knap voor de Henkidoe van vanaf vandaag. Ze heeft van die mooie boogjeswenkbrauwen, net logootjes van een sportschoen. Gek toch, hoe je hersens werken. Met je gedachten kun je soms dingen in het echt veranderen waardoor ze er opeens heel anders uitzien.

‘Wat zit er in je broodtrommel?’ vraagt Leila.

Wat erin zit? Niks natuurlijk. Hallo, ze hebben hem net gekocht. Henkidoe haalt de broodtrommel uit het plastic tasje van de Action en maakt de broodtrommel open. Niks in, natuurlijk.

‘Zullen we?’ vraagt ze. ‘Doe maar weer dicht en leg je handen erop.’

Henkidoe legt zijn handen op de broodtrommel en doet zijn ogen dicht. Leila legt haar handen op zijn handen. Er gaat een schok door Henkidoe heen, een soort elektriciteit. Maar veilige elektriciteit.

‘Hummm-hummm’, doen ze samen. En nog een keer: ‘Hummm-hummm.’

‘Hou je ogen dicht, Henkidoe,’ zegt Leila met een fluisterstem. ‘Gebruik je fantasie.’

Henkidoe houdt zijn ogen dicht en probeert voor het eerst van zijn leven zijn fantasie te gebruiken. Fantasie, daar hebben ze thuis niet heel veel van op voorraad.

‘Wat zou je willen dat er in je broodtrommel zit vandaag?’

Nu, op dit moment? Henkidoe moet even nadenken. Dan weet hij het. Een pannenkoek. Een pannenkoek met stukjes appel en schenkstroop en poedersuiker.

‘Een pannenkoek met stukjes appel en schenkstroop en poedersuiker,’ zegt Henkidoe.

‘Hmm, ja lekker, een pannenkoek met stukjes appel en schenkstroop en poedersuiker …’ zegt Leila. ‘Ik kan hem al bijna ruiken! Jij ook?’

Warempel, Henkidoe ruikt het ook al een beetje, de zoete geur van een versgebakken pannenkoek. Komt die geur uit zijn gloednieuwe broodtrommel? Hij houdt zijn ogen dicht.

‘Ik zie hem ook al voor me,’ gaat Leila verder. ‘Mooi rond, een beetje bol aan de rand, lichtbruin in het midden, en donkerbruin waar hij meer is gebakken, de gele schijfjes appel, de glanzende, doorzichtige stroop die ervanaf druipt ... Wat zie jij?’

Precies dat! Precies dat ziet Henkidoe. Dus zo werkt fantasie! Waarom hebben zijn papa en mama hem dat nooit geleerd? Het is zo makkelijk.

‘En ik kan hem al bijna proeven, onze pannenkoek,’ gaat Leila steeds maar verder. ‘Ik heb een opgerold stukje pannenkoek afgesneden en op mijn vork geprikt. Ik blaas tegen het stukje op mijn vork want het is nog heel warm. En nu steek ik dat stukje in mijn mond. Ik bijt in de pannenkoek. Zo mals is die, zo zacht, zo zoet. Mijn lippen plakken van de stroop. Proef jij het ook?’

Ja, ja, ja! Henkidoe proeft het ook. Wat is dat lekker. Bijna net zo lekker als een echte pannenkoek. Nee, net zo lekker! Nee, nee, nog lekkerder dan een echte pannenkoek!

En zo zitten ze daar op dat bankje aan de Willem de Zwijgerlaan in Diemen met hun ogen dicht en hun handen op elkaar op de broodtrommel een versgebakken pannenkoek met stukjes appel, schenkstroop en poedersuiker te eten. En weet je, ze nemen er een beker warme chocolademelk bij. Waarom niet?


Hebben jullie allemaal je broodtrommel mee? Leg je handen op je broodtrommel, doe je ogen dicht, neurie hummm-hummm en fantaseer er maar op los! Wat zit er allemaal in jouw broodtrommel?

Alle verhalen op deze site zijn gepubliceerd onder een Creative Commons BY-NC-ND 4.0 licentie. Je mag de verhalen vrij voorlezen en delen, zolang dit niet voor commerciële doeleinden is en je Rien Wertheim als auteur vermeldt. Bewerkingen of aanpassingen zijn niet toegestaan.

Creative Commons-licentie